Sofia Alexandrovna Gaskelyte

600,00 incl. btw

(1904-1974) Balletpedagoog en choreograaf

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik.
Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Sofia (Sara) Gaskelyte groeide op in een welvarend Joods-Russisch gezin in Litouwen. Op haar tiende verhuisde Gaskelyte naar Charkov in de Oekraïne. Thuis was er ruim aandacht voor kunst en cultuur. Moeder speelde piano en Gaskelyte volgde vanaf haar achtste balletlessen. Toch was het haar droom om schrijver te worden. Het gezin leed hevig onder het aanwezige antisemitisme en Gaskelyte voelde zich al jong aangetrokken tot het zionisme. In 1921 arriveerde ze dan ook in Palestina om te werken in een kibboets. Daar leerde ze Abraham Goldenson kennen, filosoof en intellectueel, met wie ze trouwde.

Lees meer

Add to Wishlist
Add to Wishlist
Categorie: Tags: ,

Quick Comparison

SettingsSofia Alexandrovna Gaskelyte removeMaria Austria removeHenriette Boas removeIsabella Henriette van Eeghen removeJuliana removeNancy Sophia Cornélie Tendeloo remove
Image
SKU
Rating
Price600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw
Stock

Uitverkocht

Uitverkocht

AvailabilityUitverkochtUitverkocht
Add to cart

Toevoegen aan winkelwagen

Lees meer

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Lees meer

Description

(1904-1974) Balletpedagoog en choreograaf

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Sofia (Sara) Gaskelyte groeide op in een welvarend Joods-Russisch gezin in Litouwen. Op haar tiende verhuisde Gaskelyte naar Charkov in de Oekraïne. Thuis was er ruim aandacht voor kunst en cultuur. Moeder speelde piano en Gaskelyte volgde vanaf haar achtste balletlessen. Toch was het haar droom om schrijver te worden. Het gezin leed hevig onder het aanwezige antisemitisme en Gaskelyte voelde zich al jong aangetrokken tot het zionisme. In 1921 arriveerde ze dan ook in Palestina om te werken in een kibboets. Daar leerde ze Abraham Goldenson kennen, filosoof en intellectueel, met wie ze trouwde. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Het stel vertrok in 1924 naar Parijs. Omdat haar Frans nog niet goed was, besloot ze met dansen in hun levensonderhoud te voorzien. Vermoedelijk veranderde Gaskelyte haar naam in deze periode. Als Sonia Gaskell trad ze op in nachtclubs en theaters. Met een vriendin voerde ze een acrobatiek-act op waarmee ze veel succes hadden. Daarnaast volgde Gaskell balletlessen bij de voormalige prima ballerina van het Mariinsky Ballet in Sint Petersburg en Leo Staats, de leider van het Parijse Opera Ballet. Het huwelijk met Goldenson liep stuk in 1936. Gaskell richtte zich volledig op het dansen en volgde een streng dieet om zo dun mogelijk te blijven. Vanwege haar zwakke gestel was ze ontvankelijk voor tuberculose. Om te herstellen verbleef ze een jaar lang in een sanatorium buiten Parijs. Daarna opende Gaskell haar eigen balletstudio. Ze vond een ingang in het Parijse artistieke milieu en had regelmatig contact met mensen als André Derain en Jean Cocteau. Gaskell gaf les, maakte verschillende choreografieën en filmballetten. Gaskell ontmoette in 1937 de Amsterdamse binnenhuisarchitect Heini Bauchhenss. Ze trouwden in 1939 en Gaskell werd daarmee Nederlandse. Ze verhuisden naar Amsterdam. Gaskell gaf hier, ondanks haar Joods-zijn, ook in de oorlog les. Ze was een veeleisende en strenge docent. Na het overlijden van haar man in 1948 stortte Gaskell zich nog meer op haar werk. Ze richtte de balletgroep Ballet Recital I op, maar vanwege geldgebrek was het een lang leven beschoren. Maar in 1952 zag ze een nieuwe mogelijkheid en ontstond Ballet Recital II. Vanaf 1954 gaf Gaskell leiding aan het nieuwe balletgezelschap, het Nederlands Ballet, met 32 dansers en danseressen. Als artistiek leider van het Nederlands Ballet koos Gaskell zowel voor romantische, klassieke balletten als modern werk. Jonge choreografen kregen de kans hun stukken te presenteren. Vanwege haar veeleisende houding ontstonden er diverse conflicten. In 1959 barstte de bom. Verschillende dansers, zoals Alexandra Radius, Hans van Manen en Rudi van Dantzig, vertrokken en richtten hun eigen groep op: het Nederlands Dans Theater. In 1961 fuseerde het Nederlands Ballet met het Amsterdams Ballet en ontstond Het Nationale Ballet. Ook hier combineerde ze moderne stukken met klassiek ballet. Gaskell vertrok uiteindelijk met een conflict in 1968. Ze ging naar Parijs. In 1969 werd ze bestuurslid van de dansafdeling van UNESCO. Vijf jaar later overleed Gaskell. Haar as werd met die van haar tweede echtgenoot uitgestrooid over zee. Materiaal:   foto, digitaal bewerkt Fotograaf:  D.G.Lanting [/expander_maker]

(Maria Karoline) (1915 - 1975) Fotograaf

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Maria Oestreicher werd geboren in Karlsbad (in het tegenwoordige Tsjechië) en groeide op in een artistiek joods milieu. In Wenen volgde ze een vakopleiding fotografie. Vanwege de steeds striktere maatregelen tegen joden verliet Oestreicher in 1937 Wenen om bij haar zus in Amsterdam te gaan wonen. Oestreicher fotografeerde daar modellen met de breipatronen van haar zus en besloot de naam Maria Austria te gebruiken. Ze trouwde in 1942 met de Duitse zakenman Hans Bial. Aan de oproep zich te melden in Westerbork gaf ze, in tegenstelling tot haar man en zus, geen gehoor. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Ze werkte als verpleegster en kindermeisje tot ze in 1943 moest onderduiken. In de onderduik kreeg ze een verhouding met verzetsstrijder Henk Jonker. Hij vervalste persoonsbewijzen met de door Austria genomen pasfoto’s. Na de bevrijding scheidde Austria van haar man en pakte ze haar werk weer op. Ze maakte modereportages, maar had een voorkeur voor maatschappelijk georiënteerde fotoreportages van Nederland in wederopbouw. In 1945 richtte ze met Henk Jonker, Aart Klein en Wim Zilver Rupe fotobureau Particam op, een samenvoeging van ‘partizanen camera’. Austria maakte naam als fotograaf van de podiumkunsten. Met Jonker werkte ze voor opdrachtgevers als het Holland Festival, de Nederlandse Opera Stichting en het Concertgebouworkest. Later, na de scheiding van Jonker, nam ze afstand van de glamourfotografie. Ze richtte zich op het experimentele en sociaal-politieke theater en maakte expressieve foto’s waarbij ze dicht op de huid van haar onderwerp zat. Als fotograaf zette ze zich vol overtuiging in om fotografie als volwaardige kunstdiscipline erkend te krijgen mét een eigen budget op de kunstbegroting. Fotografen zouden bovendien meer erkenning moeten krijgen, bijvoorbeeld door het vermelden van de naam van de fotograaf bij foto’s in de krant. Maria Austria overleed onverwachts op 59-jarige leeftijd. Haar naam leeft onder meer voort in het Maria Austria Instituut en de Maria Austria Prijs, die elke twee jaar door het Amsterdams Fonds voor de Kunst wordt uitgereikt. Materiaal:   foto, collage, draad Fotograaf:  zelfportret [/expander_maker]

(1911-2001) Journalist en publicist

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Henriette Boas groeide op in een traditioneel, maar liberaal, Amsterdams joods gezin. Ze rondde het Stedelijk Gymnasium af en ging, net als haar vader, klassieke talen studeren. Boas werd lid van de Amsterdamse Vrouwelijke Studenten Vereeniging en ze trad toe tot de Nederlandse Zionistische Studentenorganisatie. Voor de ‘joodse zaak’ zou ze zich haar leven lang inzetten. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Boas vertrok in februari 1940 naar Parijs, waar ze de Duitse inval meemaakte. Haar broer en zus waren toen al naar Palestina geëmigreerd. Zelf kon ze Parijs ontvluchten door de oversteek naar Londen te maken. Ze verhuisde in 1947 naar Jeruzalem en maakte een jaar later de stichting van de staat Israël mee. In Israël werkte ze als freelance journalist. Maar het leven in de nieuwe staat was zwaar en in 1951 keerde ze terug naar Amsterdam. Eenmaal terug op Nederlandse bodem werd Boas correspondent voor diverse Israëlische kranten zoals Ha-aretz en The Jerusalem Post. Daarnaast leverde ze bijdragen aan diverse joodse bladen en hield ze zich bezig met het schrijven van ingezonden brieven. Iets dat haar de naam ‘koningin van de ingezonden brief’ opleverde. Vanwege de beperkte inkomsten besloot ze ook aan de slag te gaan als docent klassieke talen. Bekendheid verwierf ze met haar rol in de zogenaamde Weinreb-affaire en de zaak Menten. Boas geloofde de verzetsverhalen van Weinreb niet en kreeg ook gelijk. Boas gaf een tip in de zaak Menten over de geplande veiling van zijn bezittingen. Die tip leidde tot nieuw onderzoek naar Mentens oorlogsverleden én een nieuwe veroordeling. Te midden van duizenden boeken, knipsels en tijdschriften overleed Boas in 2001 door een val in haar huis. Drie jaar later werd de Dr. Henriette Boas Prijs in het leven geroepen voor opmerkelijke journalistieke en populairwetenschappelijke prestaties. Materiaal:   foto, textiel Fotograaf:  Philip Mechanicus [/expander_maker]

(1913-1996) Archivaris en historica

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Isabella (Isa) van Eeghen werd geboren in een vooraanstaand bankiersgezin en groeide op in de zogenaamde gouden bocht op de Herengracht in Amsterdam. Na de lagere school werd ze tot haar spijt naar de Middelbare Meisjes School gestuurd,  terwijl zij later juist verder wilde studeren. Om dit toch te kunnen bereiken, behaalde ze na de MMS in 1931 het Staatsexamen Gymnasium A. Daarna studeerde ze geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Op 9 december 1941 promoveerde Van Eeghen met een studie naar vrouwenkloosters in Amsterdam. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Mejuffrouw Van Eeghen, zoals zij zichzelf noemde, volgde na haar studie de archiefopleiding en inventariseerde vrijwillig het archief van de Waalse emeente in Amsterdam. Omdat er geen functie was als archivaris besloot ze een administratieve functie aan te nemen bij het Amsterdams Gemeentearchief. In 1947 werd ze uiteindelijk aangesteld als adjunctarchivaris.  Twee jaar eerder was ze uit het ouderlijk huis vertrokken om met vijf andere dames te gaan wonen aan de Prinsengracht. Van een huwelijk zou het nooit komen. In 1946 trad Van Eeghen als eerste vrouw toe het bestuur van het Genootschap Amstelodamum. Ze bleef tot 1967 ook het enige vrouwelijke bestuurslid. Van Eeghen schreef meer dan 600 artikelen in onder andere in Amstelodamum. Maandblad voor de kennis van Amsterdam en het Jaarboek van het Genootschap Amstelodamum. Het wetenschappelijke werk gaf ze de voorkeur in plaats van hogerop te klimmen in de archiefwereld. Haar functie als adjunct gaf haar de ruimte te publiceren. Tot haar dood bleef Van Eeghen schrijven, bijvoorbeeld  over kloosters, dienstmeisjes, kunstenaars, gilden, kerken, drukkers en boekhandelaars, kranten, huizen, moorden, waaiers, hofjes, kinderen en dagboeken; alles altijd in relatie tot de stad Amsterdam. Omdat ze vraagstukken tot op de bodem uitzocht,  werd ze ook wel de ‘Miss Marple van de Amsterdamse geschiedschrijving’ genoemd. Belangrijke publicaties  waren De Amsterdamse Boekhandel, 1680-1725 (1960-1978) en De gilden. Theorie en praktijk uit 1965. Het Dagboek van broeder Wouter Jacobsz. (Gualtherus Jacobi Masius), prior van Stein (1572- 1578) dat zij ontdekte, is een belangrijke bron van informatie over de eerste jaren van de Nederlandse Opstand. Van Eeghen zorgde er ook voor dat het Gemeentearchief de unieke collectie negatieven van Jacob Olie (1834-1905) aankocht. Van Eeghen verzamelde niet alleen kennis. Ze verzamelde ook prenten en tekeningen en had een bijzondere collectie waaiers, die ze naliet aan het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap. Voor het Gemeentearchief kocht ze 138 tekeningen aan van tekenaar Christiaan Andriessen. Ze bleef tot haar dood in 1996 schrijven; het liefst aan de keukentafel in het huis aan de Prinsengracht. Uit de laatste stukken blijkt dat haar mentale gesteldheid achteruit ging. Voor de Amsterdamse geschiedschrijving is Van Eeghen van groot belang geweest. Ze ontving dan ook de Bucheliusprijs (1958), de Menno Herzbergerprijs (1965), de Zilveren Penning van de stad Amsterdam (1971) en de Zilveren Museummedaille van de stad Amsterdam (1988). Ze overleed in 1996 aan een hersenbloeding. Materiaal:   foto, collage Fotograaf:  W.M. Alberts [/expander_maker]

(1909-2004) Koningin der Nederlanden

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Met de geboorte van Juliana in 1909 was er opluchting dat er eindelijk een troonopvolger voor het Oranjehuis was. Na diverse miskramen van koningin Wilhelmina was de angst over het voortbestaan van de dynastie namelijk steeds groter geworden. Juliana groeide op in paleis Het Loo en de twee Haagse paleizen, Huis ten Bosch en Noordeinde. Het hof was geïsoleerd van de buitenwereld en was zeker niet modern te noemen. Om haar in contact te brengen met leeftijdsgenootjes kreeg Juliana les in een klasje met drie adellijke meisjes. Vanaf haar elfde volgde ze weer privéonderwijs om haar voor te bereiden op de troon. Juliana had een stevige wil en het lukte haar om te gaan studeren. Haar studietijd in Leiden was een plezierige tijd. Na haar studie werd Juliana geacht te trouwen. Er moest een geschikte echtgenoot gevonden worden maar dat bleek lastig. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Tijdens de wintersport in 1936 werd Juliana verliefd op de Duitse prins Bernard von Lippe-Biesterfeld. Op 7 januari 1937 trouwden ze in Den Haag. In Nederland betrokken ze Paleis Soestdijk. Daar werd in 1938 prinses Beatrix geboren. Een jaar later kwam prinses Irene. Met de inval van de Duitsers vertrokken Juliana en Bernhard met de kinderen naar Engeland. In Londen werd een regering in ballingschap gevormd. Voor hun veiligheid gingen Juliana en de kinderen later naar Canada. Juliana onderhield in Canada contact met de Amerikaanse president F.D. Roosevelt over de bevrijding van Europa. In 1943 werd prinses Margriet geboren. Twee jaar later vestigden Juliana en Wilhelmina zich in Breda. In augustus werd het gezin herenigd op Soestdijk. In 1947 werd daar prinses Marijke geboren, die zich later Christina zou gaan noemen. Op 4 september 1948 volgde Juliana haar moeder op. Ze wilde een koningin dichtbij haar volk zijn en liet zich daarom aanspreken als mevrouw. De kleine afstand tussen volk en staatshoofd zorgde voor een grote populariteit. Diverse crisissen zouden tijdens haar koningschap ontstaan. Zo ontstonden er botsingen over de redevoering die ze tijdens haar tournee door de Verenigde Staten wilde houden. Die had een zeer pacifistische insteek, niet passend bij het regeringsbeleid of het beleid van de NAVO. Prins Bernhard weigerde mee te gaan als Juliana de speech zou houden. Toch kreeg ze grotendeels haar zin. Een van de bekendste affaires was die van gebedsgenezeres Greet Hofmans. Het betekende een verstoring van de relatie met man en kinderen. Nadat Bernhard de kwestie openbaar had gemaakt, werd een commissie van drie heren ingesteld die het paar zouden moeten helpen. Juliana moest haar contact met Hofmans verbreken. Hierna waren het de huwelijken van de oudste dochters die tot spanningen leidden. In 1976 verschenen en berichten over steekpenningen die Bernhard zou hebben aangenomen van de vliegtuigfabriek Lockheed. Na haar abdicatie bleef Juliana actief bij de zorg voor ouderen en gehandicapten. In 2004 overleed ze. Juliana werd bijgezet in de Nieuwe Kerk in Delft. Net als haar ouders wilde ze in het wit begraven worden. Ook naar haar wens was dat een vrouw de begrafenisdienst leidde. Materiaal:   foto, vilt Fotograaf:  Harry Pot [/expander_maker]

(Corry) (1897-1956) Jurist en politicus

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Corry Tendeloo werd geboren op Sumatra in Nederlands-Indië. Na het overlijden van haar vader keerde het gezin terug naar Leiden. Tendeloo besloot  naar haar middelbare school in Utrecht rechten te gaan studeren. Daar kwam ze in aanraking met de vrouwenbeweging. Ze was bestuurslid van het Studenten-Genootschap voor Sociale Studie en vertegenwoordigde de Utrechtsche Vrouwelijke Studentenvereeniging in de Nationale Vrouwenraad. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Ze verhuisde in 1925 naar Amsterdam en werkte vanaf 1927 als zelfstandig advocaat. Ze werd actief in diverse  verenigingen, zoals de Nederlandsche Vrouwenclub,de Nederlandsche Vereeniging van Vrouwen met Academische Opleiding (VVAO) en de Nederlandsche Vereeniging voor Vrouwenbelangen en Gelijk Staatsburgerschap (VVGS). Ook was zij bestuurslid en later vicevoorzitter van de afdeling Amsterdam van de Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB) en voorzitter van de Coöperatieve Woonvereeniging Het Nieuwe Huis aan het Roelof Hartplein, waar ze zelf ook woonde. Nadat in 1937 een wetsvoorstel was ingediend om gehuwde vrouwen van de arbeidsmarkt te weren,  organiseerde Tendeloo protestbijeenkomsten in heel Nederland. De Vrijzinnig-Democratische Bond besloot Tendeloo op de verkiezingslijst voor de Provinciale Staten van Noord-Holland te zetten. Ondanks een ruime hoeveelheid voorkeursstemmen werd ze niet verkozen. Het zorgde wel voor een verkiesbare plaats op de lijst voor de Amsterdamse gemeenteraad waar ze inderdaad zitting in kreeg. Met het opgaan van de VDB in de PvdA kwam Tendeloo na Tweede Wereldoorlog voor de PvdA terecht in de Tweede Kamer. Ook daar bleef ze de wettelijke positie van de vrouw aankaarten. Ze streed onder meer voor gelijke lonen en de opheffing van de handelingsonbekwaamheid van de gehuwde vrouw in het huwelijksrecht. In 1954 werd door haar toedoen de Rijksbelastingacademie opengesteld voor vrouwen. Voor het blad Vrouwenbelangen schreef ze van 1946 tot 1956 de rubriek ‘Parlementaria’, waarin ze toelichting gaf op actuele politieke zaken. In 1955 werd een naar Tendeloo vernoemde motie ingediend in de Tweede Kamer. Het moest afgelopen zijn met de overheidsbemoeienis met werkende en  getrouwde vrouwen. Volgens Tendeloo was het een  zaak van de vrouwen zelf of zij wel of niet wilden werken als ze getrouwd waren. Alle vrouwelijke Kamerleden stemden voor de motie die uiteindelijk met 46 tegen 44 stemmen werd aangenomen. Het ontslag van huwende en gehuwde ambtenaressen werd in 1957 afgeschaft. Overigens konden anderszinswerkende, gehuwde vrouwen nog steeds worden ontslagen. Op 59-jarige leeftijd overleed Corry Tendeloo. Anneke Linders publiceerde in 2003 een biografie over haar leven. Materiaal:   foto, lepel, kralen, draad Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]
Content
Weight
DimensionsN/BN/BN/BN/BN/BN/B
Additional information
Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
  • Attributes
  • Custom attributes
  • Custom fields
Click outside to hide the comparison bar
Compare
Compare ×
Let's Compare! Continue shopping