Annette Wiea Luka Poelman

600,00 incl. btw

(1853-1914) Feminist en uitgever

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik.
Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Annette Poelman was de dochter van een vooruitstrevende predikant die ook politiek actief was in de Tweede Kamer. Poelman leerde om onderwijzer te worden maar zou het beroep nooit uitoefenen. Ze trouwde in 1876 met Willem Versluys, boekhandelaar en uitgever in Groningen. Het gezin verhuisde in 1882 naar Amsterdam. Verschillende Tachtigers publiceerden hun werk bij Versluys en ook De Nieuwe Gids werd door Versluys uitgegeven. Poelman stond zo dicht op de culturele leven en de politieke avant-garde in de hoofdstad.

Lees meer

Add to Wishlist
Add to Wishlist

Quick Comparison

SettingsAnnette Wiea Luka Poelman removeHenriette Ronner-Knip removeLeonie van Nierop removeHendrika Maria Aleida Jungius removeMeta Kehrer removeFien de la Mar remove
Image
SKU
Rating
Price600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw
Stock

Uitverkocht

AvailabilityUitverkocht
Add to cart

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Lees meer

Description

(1853-1914) Feminist en uitgever

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Annette Poelman was de dochter van een vooruitstrevende predikant die ook politiek actief was in de Tweede Kamer. Poelman leerde om onderwijzer te worden maar zou het beroep nooit uitoefenen. Ze trouwde in 1876 met Willem Versluys, boekhandelaar en uitgever in Groningen. Het gezin verhuisde in 1882 naar Amsterdam. Verschillende Tachtigers publiceerden hun werk bij Versluys en ook De Nieuwe Gids werd door Versluys uitgegeven. Poelman stond zo dicht op de culturele leven en de politieke avant-garde in de hoofdstad. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Met de oprichting van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (VVK) in 1894 besloot Poelman toe te treden tot het bestuur. Ze reisde stad en land af om de VVK en haar doelstellingen bekendheid te geven en lokale afdelingen op te richten. Als president mengde ze zich voortdurend actief in het debat over de rol van vrouwen in de maatschappij. In 1901 was ze medeoprichter van de Vrijzinnig Democratische Bond die algemeen kiesrecht voor meerderjarige mannen en vrouwen als belangrijkste punt had. Ook binnen de uitgeverij was Poelman actief. Ze voerde sinds 1894 het contact met auteurs en deed de financiële administratie van het bedrijf. De uitgeverij zou na dat jaar ook diverse feministische uitgaven verzorgen. Poelman was in 1897 medeoprichtster van de Vereeniging ‘Onderlinge Vrouwenbescherming’ (OV) die erop gericht was financiële en andersoortige steun te bieden aan ongehuwde moeders en hun kinderen. In 1905 richtte ze een tehuis op, Tehuis Annette, dat onderdak verleende aan bovengenoemde groep. Hier werden moeders overtuigd hun kind niet af te staan, maar werden zij geholpen om werk te vinden en voor het kind te zorgen. Na de oprichting van het tehuis besloot Poelman zich voornamelijk te richten op de uitgeverij en Tehuis Annette. Wel tekende ze als een van de weinige vrouwen in 1912 de oproep van het Nederlandsch Wetenschappelijk Humanitair Komitee om voor homoseksuelen geen andere wetten te creëren dan voor andere burgers. Op 10 februari 1914 overleed Annette Poelman. Ze werd op haar laatste tocht naar het station, op weg naar Bremen, begeleid door honderden feministes. De kist was bedekt met een vlag in de kleuren geel en wit, de kleuren die symbool stonden voor het vrouwenkiesrecht. Materiaal:   foto, textiel, vilt, stiksels Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1821-1909) Kunstenaar

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Henriette Knip werd geboren in Amsterdam. Met haar broer behoorde ze tot de derde generatie kunstenaars in de familie. Grootvader Nicholaas Frederik was  behangselschilder, vader Josephus Augustus was kunstschilder. Ook oom Mattheus Derk en tante Henrietta Geertrui werkten als kunstenaar. Het gezin Knip verhuisde veel en ze woonden in Parijs, Vught, Den Haag, Beek en Den Bosch. Vanaf 1840 was Berlicum de woonplaats van de familie Knip. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Henriette begon op haar vierde met schilderen. Omdat haar vader vanwege een oogziekte moest stoppen met schilderen, droeg Henriette al jong bij aan het inkomen van het gezin. Vanaf 1938 verkocht ze haar werk op de jaarlijkse tentoonstelling van Levende  Meesters. De familie Knip verhuisde terug naar Amsterdam, waar Henriette als eerste vrouw toetrad tot kunstenaarsgenootschap Arti et Amicitiae. Knip specialiseerde zich in het schilderen van dieren. Met haar echtgenoot Feico Ronner vertrok ze op enig moment naar België. Hier sloot zij zich aan bij diverse kunstenaarsgenootschappen. Ze raakte gefascineerd door trekhonden en verwerkte die in haar werk. De hondenschilderijen brachten Knip veel roem, maar met de poezenwerken vestigde ze vanaf 1870 definitief haar naam. Ze bleken ook commercieel een succes en concurrentie was er nauwelijks. Door de katten tussen fraaie meubels en kostbare objecten te plaatsen waren de afbeeldingen herkenbaar voor het welgestelde publiek. Vanwege haar succes en het feit dan Feico niet in staat was te werken was Knip ook kostwinner van het gezin. Feico hielp haar wel met de zakelijke kant van het kunstenaarschap. Knip exposeerde veel, ook in het buitenland. Gedurende haar carrière stegen de prijzen van haar werk ook aanzienlijk. Zo kostte een van haar werken in 1880 tweeduizend gulden ; een bedrag dat alleen de bekendste kunstenaars voor hun werk ontvingen. Knip overleed in 1909 en werd bijgezet in het familiegraf. Hoewel kunsthistorici het werk van Knip vanwege de dierenthematiek lange tijd niet serieus namen, worden de schilderijen nog altijd gezocht door verzamelaars en voor flinke prijzen verkocht. Materiaal:   foto, pauwen veer Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1879-1960) Historicus en eerste vrouwelijke doctor in de staatswetenschappen

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Leonie van Nierop groeide op in Amsterdam in een welvarend Joods gezin. Vader Frederik van Nierop was president-directeur van de Amsterdamsche Bank, voorloper van ABN Amro. Daarnaast was hij lid van de gemeenteraad, Provinciale Staten en vanaf 1899 van de Eerste Kamer. Leonie van Nierop haalde haar diploma aan de Hogere Burgerschool voor Meisjes en wilde graag verder studeren. In navolging van haar vader ging ze rechten studeren, maar specialiseerde zich na haar doctoraal in de staatswetenschappen. In 1905 promoveerde ze op De bevolkingsbeweging der Nederlandsche stad, een sociaal-economische geschiedenis van Hollandse steden. Met het proefschrift was ze een van de eerste Nederlandse vrouwen die op een historisch onderzoek promoveerde. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Haar wetenschappelijke carrière zou Van Nierop vervolgen in de economische geschiedenis, omdat een aparte studie geschiedenis toen nog niet bestond. In 1910 kreeg ze de opdracht het derde deel van een bronnenreeks over de Levantse handel te verzorgen in de reeks Rijks Geschiedkundige Publicatiën (RGP). Drie jaar later werd ze lid van de gemeentelijke Commissie van Toezicht op het Lager Onderwijs, het Historisch Genootschap en zette ze zich in voor de oprichting van een Openbare Leeszaal. Van Nierop schreef tientallen artikelen voor het Genootschap Amstelodamum en het Nederlandsch Economisch-Historisch Archief, evenals voor het Tijdschrift voor Geschiedenis. Vanwege de dood van haar moeder in 1925 verhuisde Van Nierop naar Hotel des Pays Bas in de Doelenstraat. Ze bleef actief in allerlei besturen, zoals van de Vereniging voor Verbetering van Vrouwenkleding, het Leesmuseum voor Vrouwen en het Sanatorium Hoog Laren. In 1938 volgde een verhuizing naar Washington D.C. in de Verenigde Staten vanwege de dreiging uit Duitsland. Na de oorlog kwam ze elk voorjaar terug naar Nederland. Ondanks haar leven in de VS bleef Van Nierop artikelen schrijven voor Genootschap Amstelodamum. Haar zus schonk na haar overlijden een aanzienlijk bedrag aan het genootschap, waarmee verschillende publicaties konden worden betaald. Aan de bibliotheek van het Congres in Washington legateerde Van Nierop haar verzameling zeldzame boeken over de historie van Amsterdam. Materiaal:   foto, collage Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1864-1908) Onderwijzer en directeur van het Nationaal Bureau voor Vrouwenarbeid

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Hendrika Jungius volgde een opleiding tot lerares aan de Kweekschool in Haarlem. Ze startte haar loopbaan in Den Haag. Daar richtte ze met C. van der Hucht-Kerckhoven en Suze Groshans in 1891 de Kinderbond op, voorloper van de tegenwoordige Kinderbescherming. Toen in 1895 de oprichting definitief was, verliet Jungius het onderwijs en ging ze aan de slag als secretaresse van Van der Hucht bij de Kinderbond. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] In datzelfde jaar werd ze gevraagd om zich bezig te houden met een tentoonstelling over vrouwenarbeid. Jungius tekende het ontwerp voor het tentoonstellingsgebouw, de tentoonstellingszalen en bepaalde de inrichting van een aantal zalen. Ook hield ze twee lezingen over de Kinderbond en het onderwerp  vivisectie. De tentoonstelling werd een groot succes. Jungius hield zich ook bezig met het vrouwenkiesrecht. Van 1897 tot 1900 was ze president van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht in Den Haag. Met de baten van de expositie over vrouwenarbeid werd in 1901 het Nationaal Bureau voor Vrouwenarbeid opgericht, waarvan Jungius de eerste zeven jaar directeur zou zijn. Bij het bureau verschenen allerlei brochures over de positie van de werkende  vrouw in verschillende werkomgevingen. Voor elke brochure schreef Jungius het voorwoord. Het werk voor het bureau betekende wel het einde van Jungius’ werkzaamheden bij de Kinderbond. Na haar dood in 1908 richtten medewerkers en medestanders het  Marie Jungius-Fonds op waaruit overwerkte of zieke vrouwen een toelage konden krijgen om weer op krachten te komen. Materiaal:   foto, glazen belvormen, touw Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1890-1965) Eerste vrouwelijke hoofdinspecteur zedenzakenn

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Meta Kehrer groeide op in een welvarende Amsterdamse remonstrantenfamilie. Een goede opleiding werd belangrijk geacht en zodoende ging Kehrer naar het Openbaar Gymnasium. Na haar middelbare school werkte ze als verpleegster in het Wilhelmina Gasthuis, maar richtte zich in toenemende  mate op het medisch maatschappelijk werk. Ze begon in 1923 bij de kinderpolitie in Amsterdam. Drie jaar later was Kehrer de eerste Nederlandse vrouwelijke politie-inspecteur. Ze werd overgeplaatst naar een nieuwe afdeling binnen de politie, de zedenpolitie. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Omdat Kehrer nooit zou trouwen, kon ze opklimmen binnen de politiegelederen. Als gehuwde vrouwelijke ambtenaar werd je in die tijd tenslotte nog ontslagen. Kehrer werd in 1946 benoemd tot hoofdinspecteur. Zij en haar collega’s probeerden prostituees ervan te overtuigen het vak achter zich te laten. Slechts een klein aantal zou dat ook daadwerkelijk doen. Grote aandacht had Kehrer voor kinderen die misbruikt waren. Ze was ervan overtuigd dat kinderen bruikbare verklaringen konden geven wanneer zij goed verhoord werden. Op het politie bureau liet ze een speciale wachtkamer voor kinderen inrichten. Kehrer zag dat het kinderen opluchtte om over hun ervaringen te vertellen. Dat vertellen bracht de verwerking bovendien beter op gang. Ze was een van de eersten die de schadelijke gevolgen van seksueel misbruik erkende. Kehrer ging in 1951 met vervroegd pensioen. Vanaf dat moment kon ze reizen, haar favoriete hobby. Ze overleed in 1965. Alhoewel ze zichzelf nooit zo  presenteerde, had ze baanbrekend werk verricht als eerste vrouwelijke hoofdinspecteur. Materiaal:   foto, sleutels, zwarte boontjes Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(Josephina Johanna Klopper) (1898-1965) Acteur en cabaretier

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Fien de la Mar kwam uit de derde generatie toneelspelers uit een Joodse familie. Ze was vernoemd naar Josephine de Beauharnais en haar vader was vernoemd naar Napoleon. De la Mar volgde de HBS in Rotterdam, maar maakte haar opleiding niet af. In 1916 debuteerde ze in het theater bij Louis Davids in de revue Had je me maar. In 1922 leerde De la Mar in Amsterdam Piet Grossouw kennen. Met hem zou ze in 1941 trouwen. Toch zou De la Mar in de tussentijd verschillende affaires hebben. Haar eerste grote rollen speelde ze in Rotterdam. Zowel in komedies als serieuzere stukken, maar ook als zanger en cabaretier had ze succes. In 1934 speelde ze in De Jantjes en Bleeke Bet, de eerste Nederlandse films met geluid. Het leverde haar bekendheid op bij het grote publiek. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Vanwege haar niet-Joodse moeder mocht De la Mar blijven optreden tijdens de oorlog. In 1943 hield dat op omdat ze zich weigerde aan te sluiten bij de Duitse Kultuurkamer. Na de bevrijding maakte ze haar comeback als cabaretier en acteur onder de naam Fien de la Mar. Met haar man richtte ze in 1947 Theater De la Mar op aan de Amsterdamse Marnixstraat. Commercieel was het geen succes en in 1952 nam Wim Sonneveld het over. Hij gaf het theater de naam Nieuwe de la Mar Theater. Na de dood van haar man in 1957 deed De la Mar een zelfmoordpoging. Deze slaagde niet, maar betekende wel een breuk met vrienden en collega’s. Ze vervreemdde van hen en kreeg vrijwel geen werk meer. Wim Ibo en Simon Carmiggelt introduceerden haar in 1958 toch bij de televisie. Ze zong liedjes in het programma van Ibo en zou later ook optreden in Ibo’s Cabaretkroniek. Haar laatste optredens waren in de televisiereeks Vrouwenlevens in 1964. Op eerste paasdag 1965 sprong De la Mar uit het raam van haar flat. Niet veel later overleed ze. In 1982 werd de musical Fien, over het leven van De la Mar, voor het eerst opgevoerd. En hoewel het De la Mar Theater werd afgebroken, volgde er in 2005 een doorstart als DeLaMar dat onder leiding staat van Joop van den Ende. Materiaal:   foto, collage, textiel Fotograaf:  Jacob Merkelbach [/expander_maker]
Content
Weight
DimensionsN/BN/BN/BN/BN/BN/B
Additional information
Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
  • Attributes
  • Custom attributes
  • Custom fields
Click outside to hide the comparison bar
Compare
Compare ×
Let's Compare! Continue shopping