Setske de Haan

600,00 incl. btw

(Cissy van Marxveldt) (1889-1948) Schrijver

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik.
Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Als kind schreef Setske de Haan al verhaaltjes en op haar vijftiende verkocht ze een romantische novelle aan de plaatselijke krant die het publiceerde als feuilleton. Ze vertrok in 1908 naar Groot-Brittannië waar ze werkte als au pair. Daar kreeg ze de roepnaam Cissy. De Haan keerde terug naar Nederland en werd leerling-verslaggever bij de Drachtster Courant, maar vertrok in 1910 naar Amsterdam. Vanaf 1915 verschenen haar verhalen in weekblad Panorama onder een aantal pseudoniemen.

Lees meer

Add to Wishlist
Add to Wishlist

Quick Comparison

SettingsSetske de Haan removeAnnette Wiea Luka Poelman removeLouisa Constantia Julia Eduarda Went removeKartini removeElisabeth Sara Clasina de Swart removeJulia Bertha Culp remove
Image
SKU
Rating
Price600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw
Stock

Uitverkocht

Uitverkocht

AvailabilityUitverkochtUitverkocht
Add to cart

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Lees meer

Lees meer

Toevoegen aan winkelwagen

Description

(Cissy van Marxveldt) (1889-1948) Schrijver

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Als kind schreef Setske de Haan al verhaaltjes en op haar vijftiende verkocht ze een romantische novelle aan de plaatselijke krant die het publiceerde als feuilleton. Ze vertrok in 1908 naar Groot-Brittannië waar ze werkte als au pair. Daar kreeg ze de roepnaam Cissy. De Haan keerde terug naar Nederland en werd leerling-verslaggever bij de Drachtster Courant, maar vertrok in 1910 naar Amsterdam. Vanaf 1915 verschenen haar verhalen in weekblad Panorama onder een aantal pseudoniemen. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Setske de Haan trouwde in 1916 met Leo Beek. Een jaar later volgde de eerste meisjesroman en in 1918 stond Het hoogfatsoen van Herr Feuer in de boekhandel. Voor een nieuw jongerentijdschrift kreeg ze de vraag een vervolgverhaal op haar meisjesroman te schrijven. Het blad bestond maar kort, maar zorgde wel voor de geboorte van het personage Joop ter Heul. In 1919 verscheen De HBS-tijd van Joop ter Heul. Drie volgende romans verhaalden over het volwassen worden van de rijke bakvis Ter Heul. De boeken werden een enorm succes en zijn later verfilmd voor televisie door de KRO. Door het succes van de boeken kon De Haan zich zaken uit het door haar verzonnen leven van Ter Heul, zoals huishoudelijk personeel, veroorloven. In de jaren dertig zou ze zo’n 50.000,- gulden aan royalties hebben verdiend. Het geld zou alleen niet helpen bij haar fysieke aandoeningen. In 1929 kreeg ze een beroerte die veroorzaakt bleek te zijn door een hersentumor. Ze raakte halfzijdig verlamd en kon daardoor alleen met links typen. De boeken die daarna verschenen waren minder succesvol dan de eerdere romans. In 1944 werd haar man gefusilleerd in de duinen bij Overveen vanwege zijn verzetswerk. Eén boek van De Haan zou hierna nog volgen, maar de sombere roman werd geen succes. Setske de Haan, beter bekend als Cissy van Marxveldt, stierf in 1948. Materiaal:   foto, collage, bandjes Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1853-1914) Feminist en uitgever

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Annette Poelman was de dochter van een vooruitstrevende predikant die ook politiek actief was in de Tweede Kamer. Poelman leerde om onderwijzer te worden maar zou het beroep nooit uitoefenen. Ze trouwde in 1876 met Willem Versluys, boekhandelaar en uitgever in Groningen. Het gezin verhuisde in 1882 naar Amsterdam. Verschillende Tachtigers publiceerden hun werk bij Versluys en ook De Nieuwe Gids werd door Versluys uitgegeven. Poelman stond zo dicht op de culturele leven en de politieke avant-garde in de hoofdstad. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Met de oprichting van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (VVK) in 1894 besloot Poelman toe te treden tot het bestuur. Ze reisde stad en land af om de VVK en haar doelstellingen bekendheid te geven en lokale afdelingen op te richten. Als president mengde ze zich voortdurend actief in het debat over de rol van vrouwen in de maatschappij. In 1901 was ze medeoprichter van de Vrijzinnig Democratische Bond die algemeen kiesrecht voor meerderjarige mannen en vrouwen als belangrijkste punt had. Ook binnen de uitgeverij was Poelman actief. Ze voerde sinds 1894 het contact met auteurs en deed de financiële administratie van het bedrijf. De uitgeverij zou na dat jaar ook diverse feministische uitgaven verzorgen. Poelman was in 1897 medeoprichtster van de Vereeniging ‘Onderlinge Vrouwenbescherming’ (OV) die erop gericht was financiële en andersoortige steun te bieden aan ongehuwde moeders en hun kinderen. In 1905 richtte ze een tehuis op, Tehuis Annette, dat onderdak verleende aan bovengenoemde groep. Hier werden moeders overtuigd hun kind niet af te staan, maar werden zij geholpen om werk te vinden en voor het kind te zorgen. Na de oprichting van het tehuis besloot Poelman zich voornamelijk te richten op de uitgeverij en Tehuis Annette. Wel tekende ze als een van de weinige vrouwen in 1912 de oproep van het Nederlandsch Wetenschappelijk Humanitair Komitee om voor homoseksuelen geen andere wetten te creëren dan voor andere burgers. Op 10 februari 1914 overleed Annette Poelman. Ze werd op haar laatste tocht naar het station, op weg naar Bremen, begeleid door honderden feministes. De kist was bedekt met een vlag in de kleuren geel en wit, de kleuren die symbool stonden voor het vrouwenkiesrecht. Materiaal:   foto, textiel, vilt, stiksels Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(Louise) (1865-1951) Woningopzichter en directeur N.V. Bouwonderneming Jordaan

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Louisa Went groeide op in een Waals-hervormd gezin dat woonde aan de Amsterdamse Herengracht. Ze trad in eerste instantie toe tot de kerk, maar voelde zich later meer aangetrokken tot het socialisme. Sociaalliberaal feministe Hélene Mercier, grondlegger van het maatschappelijk werk, was een inspiratiebron. Vooral haar stukken over het woningvraagstuk spraken Went aan. Went leerde haar persoonlijk kennen en via Mercier nam ze zitting in verschillende commissies die zich bezighielden met uiteenlopende woningvraagstukken. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Went werd in 1896 lid van een commissie die onderzocht of het bouwen van arbeiderswoningen zonder overheidssteun mogelijk was. Het betrof een gebied in de Amsterdamse Jordaan waar huizen moesten komen. In Engeland ontmoette ze Octavia Hill, ’s werelds eerste woningopzichter. Hill knapte bij voorkeur krotten op terwijl Went zicht richtte op nieuwbouw. In Amsterdam vroeg Went architect Jan  van der Pek woningen te ontwerpen voor een braakliggend terrein aan de Lindengracht. Ze werd directeur van N.V. Bouwonderneming Jordaan en bleef op die manier betrokken bij de bouw van nieuwe woningen. Ook werd ze woningopzichter. Ze haalde de huur op en hield toezicht op de huurders en het huurdersreglement. Met sociaal werker Maria Muller-Lulofs richtte Went in 1899 de School voor Maatschappelijk werk op, de eerste in zijn soort. Tot 1945 zou Went als president van de school betrokken zijn. Ze trouwde in 1902 met architect Jan van der Pek. Samen waren ze betrokken bij de oprichting van de Vereniging Amsterdams Bouwfonds en het Amsterdams Tehuis voor Arbeiders. Van der Pek bouwde beide complexen, Went beheerde ze. Went kreeg in 1934 de zilveren medaille van de stad Amsterdam. Gedurende de oorlog financierde ze voedselpakketten voor gedetineerden in concentratiekampen. Ze overleed in 1951. Ter nagedachtenis werd in 1964 het Louise Wenthuis gebouwd in Amsterdam; een flatgebouw bedoeld voor alleenstaande vrouwen. In Leiden en Amsterdam herinneren straten aan de vrouw die zich als een van de eersten bezighield met sociale woningbouw. Materiaal:   foto, collage met kaart van eigen werk Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(Raden Adjeng Kartini) (1879-1904) Pionier voor de rechten van Javaanse vrouwen

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Kartini was de oudste dochter van Ngasirah, de bijvrouw van de regent van Djepara, Raden Mas Sosroningrat. Van haar vader kreeg Kartini haar adellijke titel. De  mannelijke leden van Kartini’s familie behoorden tot de Javaanse aristocratie die carrière maakte in het inheemse koloniale bestuur. Ze zagen zich als partners van de Nederlanders en zodoende vonden ze dat ze bepaalde Europese normen over moesten nemen.  Kartini kreeg dan ook les van een Nederlandse gouvernante om haar klaar te stomen voor de School voor Europeanen in Djepara. In 1885 ging ze  inderdaad naar deze lagere school waar nog nauwelijks Javaanse meisjes op zaten. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Op school boden boeken haar de mogelijkheid om bepaalde situaties met elkaar te vergelijken. Bovendien zag ze ook bij haar klasgenoten dat dingen anders konden gaan. Meisjes uit de Javaanse elite waren voorbestemd voor de rol van eerste echtgenote, Europese meisjes maakten kans op een carrière en een monogaam huwelijk. Na de lagere school werd Kartini thuisgehouden, in afwachting van een gearrangeerd huwelijk, terwijl haar broers door leerden. Met de komst van de nieuwe Nederlandse ambtenaar Ovink veranderde de situatie van Kartini. Dagelijks werden Kartini en haar zussen in een geblindeerd rijtuig naar Ovink gereden om daar conversatieles te volgen bij Marie Ovink-Soer. De lessen liepen uit op discussies over rechten van vrouwen, carrières en hun visie op de maatschappij. In 1899, na het vertrek van de Ovink, zocht Kartini via een advertentie een Nederlandse penvriendin. De jonge, ongetrouwde en zelfstandige Stella Zeehandelaar reageerde. Vanwege haar artikelen in Nederlandstalige tijdschriften die ze schreef onder het pseudoniem ‘Het klaverblad’ werd Kartini bekend. Ook droeg ze bij aan de Tentoonstelling voor Vrouwenarbeid in 1898. De nieuwe directeur van het Departement van Onderwijs, J.H. Abendanon, reisde door Java om de situatie van het onderwijs te bespreken. Kartini wilde hij  persoonlijk ontmoeten om hierover te praten. Ze zouden blijven corresponderen. Uit de brieven, ook naar Rosa Abendanon-Mandri, blijkt dat er bij de familie en Nederlandse ambtenaren weerstand is tegen haar plannen voor verder onderwijs en een eigen carrière. Kartini had voor ogen dat meisjes vrij moesten zijn in hun keuze voor een echtgenoot of om alleen te blijven.  Ze stelde studiekringen samen voor jongeren om van gedachte te kunnen wisselen. Voor dorpsmeisjes wilde ze een beroepsopleiding en les in de basisbeginselen  van de gezondheidszorg. De trots op de eigen cultuur moest worden gestimuleerd. Zelf wilde Kartini naar Nederland en dankzij haar contacten kreeg ze een beurs. Maar de macht van haar familie was te groot. Kartini begon daarop een schooltje aan huis. Niet lang daarna volgde het huwelijk met het hoofd van het district Rembang. Kartini zou als eerste echtgenoot moeder worden van zeven van zijn kinderen en samenwonen met drie bijvrouwen. De briefwisseling tussen Kartini en het echtpaar Abendanon en andere brieven werden gepubliceerd door Abendanon. De brieven zijn een belangrijk verslag van de sociale en politieke gebeurtenissen en de rol van de Javaanse elite.  Vandaag de dag wordt Kartini in Indonesië geëerd als onderwijspionier. Over haar strijd tegen zaken als polygamie en kindhuwelijken wordt gezwegen. Materiaal:   foto, collage, draad, houten hertje en kralen Fotograaf:  Tidak Diketahui [/expander_maker]

(1861-1951) Beeldhouwer en mecenas

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

lisabeth Sara Clasina de Swart was de dochter van kunstschilder Corstianus de Swart en Elisabeth IJntema. Ze groeide op in Arnhem in een doopsgezinde familie. Ze kreeg thuis les, van haar moeder in taal en literatuur en van haar vader in diverse kunstvakken. Met hulp van haar vader en het erfdeel van haar moeder kon zij zich in 1887 vestigen in Amsterdam. Daar begon ze aan de Rijksschool voor Kunstnijverheid maar vertrok al snel om les te nemen bij beeldhouwer Lambertus Zijl. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] In Amsterdam werd De Swart deel van het culturele leven. Ze kocht het werk van de Tachtigers en ondersteunde sommigen zelfs. George Breitner en Jan Veth beeldden haar af en schrijver Willem Paap vormde de vrouwelijke hoofdpersoon van zijn roman Vincent Haman vermoedelijk naar De Swart. Met haar vriendin Baukje van Mesdag – Elisabeth de Swart was min of meer openlijk lesbisch – verhuisde ze in 1889 naar Parijs. Hier leerde ze kunstenaars als Vincent van Gogh, Odillon Redon en Auguste Rodin kennen. Door haar toedoen kreeg Redon in 1894 een tentoonstelling bij de Haagsche Kunstkring. Elisabeth woonde met haar vriendin Anna Vis tussen 1892 en 1894 in Rotterdam. Daarna betrokken ze een etage aan het Oosterpark in het zogenaamde Willem Witsenhuis in Amsterdam. Verschillende Tachtigers kwamen daar samen. Met Isaac Israëls, die beneden  woonde, en feministe Annette Versluys-Poelman verzorgden zij Willem Kloos, die aan depressies leed en alcoholist was. Met haar laatste partner, Emilie van Kerckhoff, woonde De Swart tussen 1898 en 1914 in Laren (NH). Ze maakte een aantal ontwerpen voor ’t Binnenhuis en werd lid van de Hilversumsche Kunstkring. Ze exposeerde bovendien op de tentoonstelling De vrouw 1813-1913. In Laren ontvingen De Swart en Van Kerckhoff kunstenaars en componisten als Gustav Mahler, Emile Bernard en Lodewijk van Deyssel. Het stel vertrok in 1914 vanwege financiële problemen definitief naar Italië. Van Kerckhoff en De Swart groeiden enigszins uit elkaar maar verbraken het  contact nooit. Elisabeth de Swart leidde een teruggetrokken leven, boetseerde en verkocht af en toe wat. Uiteindelijk zou ze in 1951 op Capri overlijden waar zij en Van Kerckhoff sinds 1920 woonden. Materiaal:   foto, collage, vilt Fotograaf:  George Hendrik Breitner [/expander_maker]

(1880-1970) Zanger

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Julia Culp werd geboren in Groningen in een familie van Joodse komedianten en muzikanten waardoor ze door sommigen met de nek werd aangekeken. Julia werd op school gepest en genegeerd. Toch kreeg Culp een goede opleiding en leerde ze viool en piano spelen. Ook volgde ze zanglessen. Met een stipendium van koningin Emma kon Culp op haar vijftiende naar het Conservatorium van de Maatschappij tot bevordering der Toonkunst in Amsterdam. Na het behalen van haar diploma in 1900 trad Culp op in Nederland om al snel naar Berlijn te vertrekken. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] De roem en reputatie van Culp stegen vanaf 1903 snel. De verzoeken en boekingen komen uit heel Europa waarbij Culp zich beperkte tot het zingen van liederen van Duitstalige romantische componisten. Ze trad diverse malen op voor de Duitse keizerlijke familie en  andere vorstenhuizen. In 1913 debuteerde ze in New York. Ze toerde door Noord- en Zuid-Amerika, zong met Enrico Caruso en deed een tournee met cellist Pablo Casals. Ook andere vooraanstaande musici, zoals Heinrich Potpeschnigg, Edward Grieg, Willem Mengelberg, Max Reger, Camille Saint-Saëns en Richard Strauss zouden Culp incidenteel begeleiden. Na haar tweede huwelijk in 1919 met de schatrijke baron Willy Ginzkey beëindigde Culp haar zangcarrière en vestigde zich in Bohemen. Nog enkele keren trad Culp op, vooral bij liefdadigheidsbijeenkomsten. Vanaf 1937 gaf ze les aan de Weense Staatsakademie maar met de aansluiting van Oostenrijk bij Nazi- Duitsland vertrok ze naar Tsjecho-Slowakije. Vanwege de annexatie van Sudetenland moest ze ook daar snel weer vertrekken. Ze trok in bij haar zus in Amsterdam en samen doken ze onder. Culp schuilde het grootste deel van de oorlog bij beeldhouwer Bertus Sondaar in Loenen aan de Vecht. Door bemiddeling van  de Duitse dirigent Wilhelm Furtwängler kregen de zussen Culp al voor de bevrijding toestemming om terug te keren naar hun appartement. Na de oorlog leiden ze een teruggetrokken bestaan. Culp stierf in 1970, relatief onbekend omdat haar carrière en roem in de loop der tijd in vergetelheid waren geraakt. Materiaal:   foto, gemarmerd papier,schilderijlijstje Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]
Content
Weight
DimensionsN/BN/BN/BN/BN/BN/B
Additional information
Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
  • Attributes
  • Custom attributes
  • Custom fields
Click outside to hide the comparison bar
Compare
Compare ×
Let's Compare! Continue shopping