Elisabeth Samson

600,00 incl. btw

(1715-1771) Zakenvrouw en eerste vrije zwarte vrouw die met een blanke man trouwde

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik.
Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Elisabeth Samson was het zevende en laatste kind van Nanoe, de maîtresse en slavin van een Surinaamse planter. Na zijn dood kochten de kinderen van Nanoe haar vrij. Elisabeth werd als vrije zwarte vrouw geboren en groeide op in het huis van haar halfzus Maria Jansz. Elisabeth werd in 1725 gedoopt in de Nederduitse Gereformeerde Kerk in Paramaribo. Via haar zus en zwager leerde ze het zakenleven en de blanke elite van Suriname kennen. Ze leerde bovendien rekenen en schrijven en kon meehelpen met de correspondentie en administratie in het bedrijf van haar zwager.

Lees meer

Uitverkocht

Add to Wishlist
Add to Wishlist
Categorie: Tag:

Quick Comparison

SettingsElisabeth Samson removeElisabeth Jacobsdr. Bas removeMaria Louise van Hessen-Kassel removeCatharina Jacoba van Someren removeSibylle van Griethuysen removeElburg van (den) Boetzelaer remove
Image
SKU
Rating
Price600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw
Stock

Uitverkocht

AvailabilityUitverkocht
Add to cart

Lees meer

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Description

(1715-1771) Zakenvrouw en eerste vrije zwarte vrouw die met een blanke man trouwde

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Elisabeth Samson was het zevende en laatste kind van Nanoe, de maîtresse en slavin van een Surinaamse planter. Na zijn dood kochten de kinderen van Nanoe haar vrij. Elisabeth werd als vrije zwarte vrouw geboren en groeide op in het huis van haar halfzus Maria Jansz. Elisabeth werd in 1725 gedoopt in de Nederduitse Gereformeerde Kerk in Paramaribo. Via haar zus en zwager leerde ze het zakenleven en de blanke elite van Suriname kennen. Ze leerde bovendien rekenen en schrijven en kon meehelpen met de correspondentie en administratie in het bedrijf van haar zwager. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Elisabeth werd in 1737 ten onrechte verbannen uit Suriname. Ze had iemand beschuldigd van het beledigen van de gouverneur, maar omdat er geen andere getuigen waren kon dat niet worden bewezen. De gouverneur wilde dat iemand werd veroordeeld en zo werd Elisabeth onterecht beschuldigd. Het racistische gedachtegoed van de gouverneur kreeg zo een concrete vorm. Hij stelde dat zwarte volkeren altijd probeerden hun vrijheid te misbruiken en blanken tegenwerkten. Elisabeth vertrok naar Nederland. Daar werd de Staten-Generaal gevraagd om het vonnis te herzien en zij werd inderdaad in het gelijk gesteld. Ze keerde daarop terug naar Suriname. Een tweede juridische strijd draaide om het voorgenomen huwelijk van Elisabeth met de blanke man Christoph Policarpus Braband, koster van de gereformeerde kerk en directeur van een houtzagerij. In 1764 deed het stel aangifte van hun geplande huwelijk, maar het werd verboden omdat zwarten en blanken zich niet zouden mogen vermengen. Na drie jaar strijd deed de Staten-Generaal uitspraak in hun voordeel. Het huwelijk kon doorgang hebben, ware het niet dat Braband inmiddels was overleden. Elisabeth vond niettemin snel een andere man en trouwde in 1767 met Hermanus Daniel Zobre. Elisabeth Samson deed goede zaken. Ze bezat verschillende plantages en diverse huizen in Paramaribo. Met haar zus Nanette erfde ze de plantages van haar oudere zus waardoor ze konden uitgroeien tot belangrijke koffie-exporteurs. In 1767 lieten ze zelfs een eigen fregat bouwen in Amsterdam, maar tijdens een tocht in 1769 bleek het schip lek. De lading ging verloren maar de bemanning werd gelukkig gered. Het jaarinkomen van Elisabeth werd geschat tussen de 40.000 en 100.000 gulden. Ter vergelijking: de gouverneur verdiende zo’n 10.000 gulden. Elisabeth Samson overleed in 1771 op 55-jarige leeftijd. Haar man was de enige erfgenaam. De plantages die Elisabeth deelde met haar zus, moest ook Hermanus Zobre delen. Elisabeth werd vooral bekend door haar zelf vergaarde kapitaal en door haar huwelijk met een blanke man. Niet onomstreden was en is het feit dat zij, dochter van een slavin, zelf ook slaven bezat die werkten op haar koffieplantages. Cynthia McLeod gebruikte het levensverhaal van Elisabeth in de roman e vrije negerin Elisabeth. Materiaal:   foto, draad, parels Fotograaf:  Elisabeth Samson, een vrije, zwarte vrouw in het 18e eeuwse Suriname. [/expander_maker]

(1571 - 1649) Herbergier

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Elisabeth Bas werd geboren in Kampen maar verhuisde op haar veertiende naar Amsterdam. Daar trouwde ze in 1596 met scheepskapitein Jochem Heijndricksz. Swartenhondt. Hij was actief in de kaapvaart en maakte in 1602 zes Spaanse schepen met suiker buit. Uit archiefstukken blijkt dat Elisabeth Bas zorgde voor de bevoorrading van de schepen van Swartenhondt. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Swartenhondt kocht in 1606 de Amsterdamse herberg De Prince van Orangien; een chique plek waar de stadsbestuurders hun belangrijke gasten ontvingen. In dienst van de Admiraliteit van Amsterdam was Swartenhondt in 1621 weer op zee. In dat jaar versloeg hij de Spanjaarden bij Gibraltar en werd hij geëerd door prins Maurits. Toen Jochem Swartenhondt overleed in 1627 zette Elisabeth Bas de herberg voort. Ze deed geen slechte zaken zo blijkt uit haar testament. In 1648 had ze een vermogen van 28.863 gulden en daarmee behoorde ze tot de gegoede burgerij. Het beroemde portret van Elisabeth Bas werd vermoedelijk rond 1642 geschilderd. Het doek werd in 1880 door de familie Van de Pol als legaat geschonken aan het Rijksmuseum, als ware het een Rembrandt. Het schilderij was populair en werd  door de firma H. Jos van Susante & Co uit Boxtelgekozen als afbeelding voor de bandjes om de sigaren die onder de naam Elisabeth Bas werden verkocht. In 1911 ontstond discussie over het schilderij. Kunsthistoricus Bredius was van mening dat het doek niet van Rembrandt was. Alhoewel de meeste kenners denken dat het doek van Ferdinand Bol is, blijven de meningen verdeeld. Ook de identiteit van de oude vrouw wordt inmiddels in twijfel getrokken. Hoe het ook mag zijn, het doek behoort nog altijd tot de topstukken van het Rijksmuseum. Materiaal:   foto, textiel Fotograaf:  Ferdinand Bol [/expander_maker]

(Marijke Meu) (1688-1765) Prinses van Oranje

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Maria Louise was het elfde kind van Carl van Hessen- Kassel en Maria Amalia van Koerland. Haar vader was een gewaardeerd bondgenoot van de Republiek in de anti-Franse coalitie. Maria Louise werd als geschikte huwelijkskandidaat gezien voor de Friese stadhouder Johan Willem Friso. Deze liet zijn oog inderdaad op de inmiddels 21-jarige vallen en het huwelijk werd in 1709 voltrokken. Al snel vertrok Friso om te vechten in de Spaande Successieoorlog. Maria Louise bleef in Kassel en verhuisde pas aan het begin van 1710 naar Leeuwarden. Het huwelijk duurde overigens maar twee jaar. Friso verdronk in 1711. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Zeven weken na het overlijden van haar man beviel Maria Louise van haar zoon Willem Karel Hendrik Friso. Na het overlijden van zowel haar man als haar moeder maakte ze een zware tijd door. Bovendien  wilde haar schoonmoeder aangesteld worden als regentes en voogdes van haar kleinzoon. De Staten van Friesland besloten anders. Met hulp van haar vader wist Maria Louise de problemen te beteugelen. Toen haar zoon in 1731 meerderjarig werd, trad ze terug  als regentes en stadhouder Willem IV trad aan. Maria Louise betrok het Princessehof in Leeuwarden en liet huis Mariënburg bouwen. Voor haar zoon arrangeerde ze een huwelijk met de Engelse prinses Anna van Hannover wat een mooie internationale vertakking opleverde. Na enige onrust werd Willem IV uiteindelijk stadhouder in alle gewesten en hij verhuisde met zijn hofhouding naar Den Haag. Nadat haar zoon en schoondochter beide overleden werd Maria Louise in 1759 opnieuw aangesteld als regentes, ditmaal voor haar kleinzoon. Ze overleed op 9 april 1765 aan een beroerte. Ze was zeer geliefd en in Friesland kreeg ze bijgenaamd Maaike Muoi (tante Marijke; in het Nederlands Marijke Meu). Ze werd bijgezet in de Grote Kerk van Leeuwarden. Materiaal:   foto, collage Fotograaf:  Johan Philipp Berr [/expander_maker]

(ca.1500-1580) Stichter van het Burgerweeshuis in Amersfoort

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Als welgestelde inwoner van Amersfoort nam Catharina van Someren samen met een aantal anderen het initiatief om een weeshuis te stichten. Er kwam toestemming van het stadsbestuur en met geld van de oprichters werd het voormalige Begijnhof aangekocht.  Enkele maanden later, in 1552, konden de eerste weeskinderen worden opgevangen. Amersfoort was met de oprichting en opening van het weeshuis een van de eersten. Veel andere steden kregen pas later een weeshuis. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Catharina van Someren was de eerste regentes van het weeshuis en ze was ook daadwerkelijk betrokken bij het reilen en zeilen van het weeshuis. Zo nam ze bijvoorbeeld wol mee uit Meppel voor uniformen van de wezen. In 1611 verhuisde het weeshuis naar het voormalige klooster Marienhof waar het tot 1931 gehuisvest bleef. Tot op heden hangt in de regentenkamer van het Marienhof het portret van Van Someren dat door Dirk Jacobsz. Van Oostzanen geschilderd is (ongedateerd portret). Materiaal:   foto, collage, parels, houten paardje Fotograaf:  Dirk Jacobz van Oostzanen [/expander_maker]

(1621-1699) Dichter

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Gelderse Sibylle van Griethuysen werd geboren in Buren als negende kind in een doopsgezinde familie. Ze leerde als kind Latijn, Frans en Spaans en maakte in haar jeugd de overstap naar de gereformeerde kerk. Op haar zeventiende trouwde Van Griethuysen met de Friese apotheker Upke Harmenszoon Wytzema met wie ze ook naar Friesland vertrok. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Van Griethuysen publiceerde in 1645 haar eerste dichtbundel: In rym gestelde claeg-liederen Jeremiae. Een tweede bundel volgde een jaar later: Spreeckende schildery. Ze liet zich in de bundel uit over de schijnheiligheid in de kerk. Dat leidde tot een hoogoplopend geschil in de kerkenraad van Appingedam. Uit de bundel blijkt dat Van Griethuysen ondersteund werd bij haar schrijverschap door de adellijke familie Ripperda uit Farmsum. Via de uitgever, Claude Fonteyne, kwam Van Griethuysen in contact met andere auteurs in Friesland en Groningen. Ook daarbuiten werd haar naam steeds  bekender. Van Griethuysen vertaalde een politiek getint gedicht van Constantijn Huygens en wisselde enkele gedichten met hem uit. Zo kwam ze in het zicht van een aantal Hollandse schrijvers als Hendrik Bruno, Jan Vos en Joan Blasius, die enkele gedichten van Van Griethuysen opnamen in hun werken. Het grootste werk van Van Griethuysen is haar aandeel in de Hemelse troost-borne uit 1651, een gezamenlijk werk van haar en Eydelshemius. Met de verhuizing naar Groningen in 1654 leerde Van Griethuysen de Groningse dichter Johan van Nyenborgh en zijn omgeving kennen. Via hem leerde ze ook de Friese dichters Eelckje van Bouricius en Sibylle van Jongestall kennen. Vanaf de jaren zestig richtte Van Griethuysen zich nauwelijks meer tot andere auteurs. Na de dood van haar man keerde ze terug naar Buren en publiceerde vermoedelijk niet meer. In 1674 hertrouwde Van Griethuysen met de  vermogende bierbrouwer Reynier Cornelis Groenevelt met wie ze in Veenendaal woonde. Hij overleed in 1691. Van Griethuysen overleed acht jaar later. In de jaren zestig van de twintigste eeuw werd haar graf geruimd tijdens een kerkrestauratie. Vooral vanwege het contact met Constantijn Huygens geniet de naam Van Griethuysen nog enige bekendheid, alhoewel uitgebreider onderzoek naar vrouwelijke schrijvers en hun netwerken misschien een ander licht laat schijnen op het leven van Van Griethuysen. Materiaal:   foto, koeien huid Fotograaf:  Jacob van Meurs naar Theodor Faber [/expander_maker]

(1506-1568) Abdis

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Geboren als vijfde kind van Rutger van Boetzelaer en Berta van Arkel werd Elburg van Boetzelaer vernoemd naar haar grootmoeder. Vermoedelijk werd ze rond haar tiende door haar ouders ondergebracht in een klooster. De naam van Van Boetzelaer keert regelmatig terug in stukken van de abdij van Rijnsburg. In 1549 werd ze bevorderd van subpriores tot eerste priores. In 1533 werd Van Boetzelaer voorgedragen als nieuwe abdis. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Met de zuivering van de katholieke kerk golden er voor Van Boetzelaer andere regels dan voor haar voorganger. Er was niet langer een omvangrijke hofhouding en ze moest een abt van een ander klooster als spiritueel adviseur aannemen. Als abdis wist ze de pachtopbrengsten te verhogen en de abdij te renoveren. Bij de hongersnood van 1557 gaf ze duizenden hongerige mensen te eten. In 1568 overleed Van Boetzelaer. Ze werd bijgezet in de abdijkerk. Vooral bekend werd Van Boetzelaer vanwege een raam dat zij in 1561 schonk aan de St. Janskerk in Gouda. Het raam was bedoeld ter nagedachtenis aan haar familie en haarzelf. Door geschiedschrijvers uit de twintigste eeuw wordt niet alle haar machtige positie benoemd maar ook de middenweg die ze wist te vinden tussen de belangen van de kloostergemeenschap en het strenge katholicisme dat de overheid voorstond. Materiaal:   foto, collage Fotograaf:  voorstudie door Wouter Crabeth [/expander_maker]
Content
Weight
DimensionsN/BN/BN/BN/BN/BN/B
Additional information
Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
  • Attributes
  • Custom attributes
  • Custom fields
Click outside to hide the comparison bar
Compare
Compare ×
Let's Compare! Continue shopping