Sibylle van Griethuysen

600,00 incl. btw

(1621-1699) Dichter

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik.
Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Gelderse Sibylle van Griethuysen werd geboren in Buren als negende kind in een doopsgezinde familie. Ze leerde als kind Latijn, Frans en Spaans en maakte in haar jeugd de overstap naar de gereformeerde kerk. Op haar zeventiende trouwde Van Griethuysen met de Friese apotheker Upke Harmenszoon Wytzema met wie ze ook naar Friesland vertrok.

Lees meer

Add to Wishlist
Add to Wishlist
Categorie: Tag:

Quick Comparison

SettingsSibylle van Griethuysen removePetronella Dunois removeAnna Maria Francisca Salomons removeLeonie van Nierop removeElisabeth Vervoorn removeRenate Ida Rubinstein remove
Image
SKU
Rating
Price600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw
Stock
Availability
Add to cart

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Description

(1621-1699) Dichter

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Gelderse Sibylle van Griethuysen werd geboren in Buren als negende kind in een doopsgezinde familie. Ze leerde als kind Latijn, Frans en Spaans en maakte in haar jeugd de overstap naar de gereformeerde kerk. Op haar zeventiende trouwde Van Griethuysen met de Friese apotheker Upke Harmenszoon Wytzema met wie ze ook naar Friesland vertrok. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Van Griethuysen publiceerde in 1645 haar eerste dichtbundel: In rym gestelde claeg-liederen Jeremiae. Een tweede bundel volgde een jaar later: Spreeckende schildery. Ze liet zich in de bundel uit over de schijnheiligheid in de kerk. Dat leidde tot een hoogoplopend geschil in de kerkenraad van Appingedam. Uit de bundel blijkt dat Van Griethuysen ondersteund werd bij haar schrijverschap door de adellijke familie Ripperda uit Farmsum. Via de uitgever, Claude Fonteyne, kwam Van Griethuysen in contact met andere auteurs in Friesland en Groningen. Ook daarbuiten werd haar naam steeds  bekender. Van Griethuysen vertaalde een politiek getint gedicht van Constantijn Huygens en wisselde enkele gedichten met hem uit. Zo kwam ze in het zicht van een aantal Hollandse schrijvers als Hendrik Bruno, Jan Vos en Joan Blasius, die enkele gedichten van Van Griethuysen opnamen in hun werken. Het grootste werk van Van Griethuysen is haar aandeel in de Hemelse troost-borne uit 1651, een gezamenlijk werk van haar en Eydelshemius. Met de verhuizing naar Groningen in 1654 leerde Van Griethuysen de Groningse dichter Johan van Nyenborgh en zijn omgeving kennen. Via hem leerde ze ook de Friese dichters Eelckje van Bouricius en Sibylle van Jongestall kennen. Vanaf de jaren zestig richtte Van Griethuysen zich nauwelijks meer tot andere auteurs. Na de dood van haar man keerde ze terug naar Buren en publiceerde vermoedelijk niet meer. In 1674 hertrouwde Van Griethuysen met de  vermogende bierbrouwer Reynier Cornelis Groenevelt met wie ze in Veenendaal woonde. Hij overleed in 1691. Van Griethuysen overleed acht jaar later. In de jaren zestig van de twintigste eeuw werd haar graf geruimd tijdens een kerkrestauratie. Vooral vanwege het contact met Constantijn Huygens geniet de naam Van Griethuysen nog enige bekendheid, alhoewel uitgebreider onderzoek naar vrouwelijke schrijvers en hun netwerken misschien een ander licht laat schijnen op het leven van Van Griethuysen. Materiaal:   foto, koeien huid Fotograaf:  Jacob van Meurs naar Theodor Faber [/expander_maker]

(1650-1695) Eigenaar van pronkpoppenhuis

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Vier maanden voor de geboorte van Petronella Dunois in 1650 stierf haar vader Pierre Dunois. Hij bekleedde een belangrijke functie aan het hof van Willem II. Tussen 1655 en 1660 overleed ook haar moeder. Samen met haar zusje groeide Petronella op bij bekenden in Den Haag en Leiden. Ze hadden een behoorlijk bedrag geërfd en konden zo allebei een zeer kostbaar poppenhuis laten maken. Alleen dat van Petronella Dunois zou bewaard blijven. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] In 1677 trouwde ze met haar verre neef Pieter van Groenendijck uit Leiden. Ook het poppenhuis verhuisde naar de sleutelstad. In 1934 werd het poppenhuis geschonken aan het Rijksmuseum in Amsterdam, waar het nog steeds te bewonderen is als deel van de opstelling over de Nederlandse (kunst-) geschiedenis van de zeventiende eeuw. Materiaal:   foto, collage, textiel Fotograaf:  Nicolaes Maes [/expander_maker]

(Ada Gerlo) (1885-1980) Schrijver

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Anna (Annie) Salomons groeide op in Rotterdam op het terrein van de gasfabriek waar haar vader directeur was. Op zestienjarige leeftijd debuteerde Salomons met een aantal verzen in Jong Holland. Johan de Meester, kunstredacteur bij de Nieuwe Rotterdamsche Courant, waardeerde haar werk en plaatste een gedicht in de krant. Hij ontfermde zich over haar en introduceerde  Salomons in de literaire wereld. In 1903 droeg hij haar voor als lid van de Vereniging van Letterkundigen en bracht haar in contact met uitgeverij Van Dishoeck, die haar eerste bundel uitgaf in 1905: Verzen, I. Salomons begon aan een studie rechten in Leiden, verhuisde naar Utrecht, maar maakte de studie niet af. Ze keerde terug naar haar ouders die inmiddels in Den Haag woonden. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Als romanschrijver debuteerde Salomons in 1907 met Een meisje-studentje waarin ze het universitaire mannenbolwerk in Leiden als onderwerp behandelde. Het zorgde voor grote oproer en werd een heus verkoopsucces. Een tweede bundel gedichten verscheen in 1910, Verzen II. De moeilijkheden die een intelligente jonge vrouw meemaakt terwijl zij zich staande probeert te houden, waren ook in later werk een thema. Onder het pseudoniem van Ada Gerlo publiceerde ze Langs het geluk (1913), Herinneringen van een onafhankelijke vrouw (1915) en Daadlooze droomen (1919). Deze laatste titel werd maar liefst vijftien keer herdrukt.  Naast haar literaire werk schreef Salomons wekelijks columns in De Nieuwe Groene en De Amsterdammer/ De Groene Amsterdammer. Dit deed ze vooral om inkomsten te genereren. Haar columns bevatten met regelmaat persoonlijke details waarbij ze haar eigen onzekerheden niet verborg. De directe omgeving, maar ook de wereld in brede zin, werden nauw gevolgd en beschreven. Met haar trouwen in 1924 was er ook een afscheid van het ouderlijk huis. Samen met haar man, Henri van Wagening, vertrok Salomons naar Nederlands-Indië. Daar bleef ze schrijven en columns en een essaybundel volgde. Het paar keerde in 1927 terug naar Nederland omdat het Indische klimaat slecht beviel. Als vertaler had Salomons succes met Van het Westelijk front geen nieuws van Remarques. Na de oorlog herleefde haar succes met Herinneringen uit den ouden tijd: aan schrijvers die ik persoonlijk heb gekend. Salomons was erelid van de PEN-club, lid van de Vereniging van Letterkundigen en de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde. Ook werd ze Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Voor haar oeuvre ontving ze op haar negentigste de Jacobsonprijs. In 1980 overleed Salomons in Den Haag. Materiaal:   foto, digitaal bewerkt Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1879-1960) Historicus en eerste vrouwelijke doctor in de staatswetenschappen

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Leonie van Nierop groeide op in Amsterdam in een welvarend Joods gezin. Vader Frederik van Nierop was president-directeur van de Amsterdamsche Bank, voorloper van ABN Amro. Daarnaast was hij lid van de gemeenteraad, Provinciale Staten en vanaf 1899 van de Eerste Kamer. Leonie van Nierop haalde haar diploma aan de Hogere Burgerschool voor Meisjes en wilde graag verder studeren. In navolging van haar vader ging ze rechten studeren, maar specialiseerde zich na haar doctoraal in de staatswetenschappen. In 1905 promoveerde ze op De bevolkingsbeweging der Nederlandsche stad, een sociaal-economische geschiedenis van Hollandse steden. Met het proefschrift was ze een van de eerste Nederlandse vrouwen die op een historisch onderzoek promoveerde. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Haar wetenschappelijke carrière zou Van Nierop vervolgen in de economische geschiedenis, omdat een aparte studie geschiedenis toen nog niet bestond. In 1910 kreeg ze de opdracht het derde deel van een bronnenreeks over de Levantse handel te verzorgen in de reeks Rijks Geschiedkundige Publicatiën (RGP). Drie jaar later werd ze lid van de gemeentelijke Commissie van Toezicht op het Lager Onderwijs, het Historisch Genootschap en zette ze zich in voor de oprichting van een Openbare Leeszaal. Van Nierop schreef tientallen artikelen voor het Genootschap Amstelodamum en het Nederlandsch Economisch-Historisch Archief, evenals voor het Tijdschrift voor Geschiedenis. Vanwege de dood van haar moeder in 1925 verhuisde Van Nierop naar Hotel des Pays Bas in de Doelenstraat. Ze bleef actief in allerlei besturen, zoals van de Vereniging voor Verbetering van Vrouwenkleding, het Leesmuseum voor Vrouwen en het Sanatorium Hoog Laren. In 1938 volgde een verhuizing naar Washington D.C. in de Verenigde Staten vanwege de dreiging uit Duitsland. Na de oorlog kwam ze elk voorjaar terug naar Nederland. Ondanks haar leven in de VS bleef Van Nierop artikelen schrijven voor Genootschap Amstelodamum. Haar zus schonk na haar overlijden een aanzienlijk bedrag aan het genootschap, waarmee verschillende publicaties konden worden betaald. Aan de bibliotheek van het Congres in Washington legateerde Van Nierop haar verzameling zeldzame boeken over de historie van Amsterdam. Materiaal:   foto, collage Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1617-1657) Gelegenheidsdichter

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Elisabeth Vervoorn groeide op als dochter van de burgemeester van Gorinchem, later hoge ambtenaar in de stad. Vermoedelijk verkeerde ze in artistieke en poëtische kringen. In 1639 werd ze beschreven als ‘in de Nederlandse poëzie zeer ervaren’. Negen jaar later volgde een huwelijk met jurist Johannes van Someren. Als echtpaar lieten ze zich portretteren door Cornelis Jonson van Ceulen. Ze kregen vijf kinderen. Vervoorn stierf al jong, in 1657. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Vijf jaar na de dood van zijn vrouw bracht Van Someren een dichtbundel uit, Uytspanning der vernuften bestaende inde geestelycke, en wereltlycke poëzie.  Hierin waren ook enkele gedichten van Vervoorn opgenomen, zoals een lofdicht op Maarten Hartpertsz. Tromp en een lofdicht op de verovering van Hulst door Frederik Hendrik. Vermoedelijk schreef Elisabeth Vervoorn nog meer gedichten maar deze zijn niet gepubliceerd. Materiaal:   foto, collage met eigen foto's Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(Tamar) (1929-1990) Columnist

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Renate Rubinstein vluchtte in 1935 met haar ouders van Berlijn naar Londen. In 1938 kwam het gezin in Amsterdam aan. Haar vader werd in 1940 opgepakt en in 1942 in Auschwitz vermoord. Omdat de rest van het gezin niet joods was, overleefden ze de oorlog. Rubinstein zat op het Vossiusgymnasium in Amsterdam en debuteerde in schoolkrant Vulpes. In 1955 schreef ze zich in op de Gemeente Universiteit (de tegenwoordige UvA) om politieke en sociale wetenschappen te studeren. Ze schreef voor het Nieuw Israëlitisch Weekblad en was hoofdredacteur van Propria Cures, het studentenweekblad. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Rubinstein startte in 1961 met haar wekelijkse column in Vrij Nederland onder het pseudoniem Tamar. In 1964 kwam een eerste bundel met columns uit. Na een eerste huwelijk met Aad Nuis trouwde Rubinstein in 1971 met filosoof Jaap van Heerden die ook voor Propria Cures had geschreven. Naast het schrijven hield Rubinstein zich bezig met de protesten tegen de Vietnamoorlog en het huwelijk van Beatrix met Claus von Amsberg. Tijdens haar reis naar Israël maakte ze de Zesdaagse Oorlog mee. Ze schreef een kritisch verslag van haar belevenissen en beschreef daarin de noodzaak van een Palestijnse staat. Dat laatste zorgde voor veel ophef. Vanaf 1966 hield Rubinstein zich bezig met het redigeren van de memoires van de Joodse immigrant Fryderyk Weinreb. Weinreb zou tijdens de Tweede Wereldoorlog joden van de ondergang hebben willen redden. Hij zette daartoe een (fictief) emigratiebureau op en hield joden voor, tegen betaling, een overtocht naar veilig gebied te kunnen regelen. Joden op de Weinreb-lijst werden eerst inderdaad gespaard, maar later bleek deze toch geen bescherming te kunnen bieden. In 1948 kreeg Weinreb zes jaar gevangenisstraf opgelegd maar vanwege gratie zou hij niet veel van zijn straf uitzitten. De biografie, onder redactie van Rubinstein en Nuis, was het begin van de Weinrebaffaire. Tegenstanders als W.F. Hermans en Henriette Boas betoogden dat Weinreb een collaborateur was en geld had verdiend aan de Jodenvervolging. Daarnaast bleken diverse zaken in het boek niet te kloppen. De Weinreb-affaire zorgde voor grote ophef, ook rond de persoon van Rubinstein die te goedgelovig zou zijn geweest en het voortdurend, onterecht zo bleek, voor Weinreb had opgenomen in haar Tamar-columns. In 1977 werd bij Rubinstein multiple sclerose vastgesteld. Voor die tijd reisde ze nog naar China, een reis die ze kritisch vastlegde in haar Klein Chinees Woordenboek. Ook dit werk zorgde voor onrust. Harry Mulisch was vol lof over China, Rudy Kousbroek steunde juist de kritische visie van Rubinstein. Vanaf 1977 deelde Rubinstein haar leven (in het geheim) met Simon Carmiggelt. Ze beschreef haar fysieke achteruitgang in haar bundel Nee heb je. Op uitnodiging van het Koninklijk Huis interviewde ze prins Willem Alexander. Dat resulteerde in het  boek Alexander. In 1990 zou ze haar verhouding met Carmiggelt onthullen in haar werk Mijn beter ik. Op 23 november van dat jaar overleed Rubinstein. Ze won diverse prijzen voor haar werk waaronder de Lofprijs van het Lucas-Ooms Fonds, de Multatuliprijs, de Jan Greshoffprijs en Hélène de Montignyprijs. In 2007 nam het Letterkundig Museum haar op in zijn eregalerij als ‘de eerste columniste van Nederland’. Materiaal:   foto, digitaal bewerkt Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]
Content
Weight
DimensionsN/BN/BN/BN/BN/BN/B
Additional information
Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
  • Attributes
  • Custom attributes
  • Custom fields
Click outside to hide the comparison bar
Compare
Compare ×
Let's Compare! Continue shopping