Neeltje Lokerse

600,00 incl. btw

(1868-1954) Dienstbode

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik.
Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Zeeuwse Neeltje Lokerse werd geboren in Yerseke in een arm gezin. Rond haar twaalfde begon ze als dienstbode bij diverse rijke families, eerst in Zeeland, later in Holland. In 1900 kwam Lokerse in de problemen. Ze was zwanger geraakt van een van haar werkgevers waarmee ze een verhouding had. Deze Sebastiaan Burghout weigerde Lokerse te trouwen of financiële ondersteuning te bieden. Lokerse woonde daarom enige tijd bij haar moeder in Yerseke.

Lees meer

Add to Wishlist
Add to Wishlist

Quick Comparison

SettingsNeeltje Lokerse removeAlbertina Philippina Catharina van Tussenbroek removeHelene Kröller-Müller removeCharlotte Jacobs removeMaria Elize Baart removeTheodora Mann-Bouwmeester remove
Image
SKU
Rating
Price600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw600,00 incl. btw
Stock

Uitverkocht

Uitverkocht

AvailabilityUitverkochtUitverkocht
Add to cart

Toevoegen aan winkelwagen

Lees meer

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Toevoegen aan winkelwagen

Lees meer

Description

(1868-1954) Dienstbode

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Zeeuwse Neeltje Lokerse werd geboren in Yerseke in een arm gezin. Rond haar twaalfde begon ze als dienstbode bij diverse rijke families, eerst in Zeeland, later in Holland. In 1900 kwam Lokerse in de problemen. Ze was zwanger geraakt van een van haar werkgevers waarmee ze een verhouding had. Deze Sebastiaan Burghout weigerde Lokerse te trouwen of financiële ondersteuning te bieden. Lokerse woonde daarom enige tijd bij haar moeder in Yerseke. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Ze keerde in 1902 terug naar Den Haag waar ze ook werk vond. Een Haagse huisschilder wilde haar kind, tegen betaling, als pleegkind opnemen in zijn gezin. Op 12 september van dat jaar trok Lokerse naar het kantongerecht van Den Haag, waar Sebastiaan Burghout werkte. Ze droeg een geladen revolver bij zich en loste een schot maar raakte Burghout niet. Lokerse werd gearresteerd en naar de gevangenis gebracht. Hoewel ze de vader van haar kind waarschijnlijk al vaker met een revolver had bedreigd om alimentatie af te dwingen, werd ze onder druk van de publieke opinie vrijgesproken. De landelijke pers maakte Lokerse in één klap beroemd. Ze kon zo haar punt maken over het ontbreken van een wet op het onderzoek naar vaderschap. Lokerse bleef in Den Haag wonen en besloot over de aanleiding van haar misdaad te praten. In 1905 hield ze haar eerste lezing over hoe ze tot de actie gekomen was. Ze zou dit tot 1925 blijven doen. Ook publiceerde Lokerse een roman waarin een dienstmeisje in de steek wordt gelaten door een ‘heer’. Met haar optredens wist ze invloedrijke mensen te bewegen tot het doneren van geld om haar verdere publicaties en lezingen te bekostigen. Ze nam het op voor ongehuwde moeders en pleitte voor een betere behandeling van dienstbodes. Ze sloot zich echter nooit aan bij een belangenvereniging. De oplossing voor de problemen van ngehuwde moeders zag Lokerse in een huwelijk met de verwekker of gevangenisstraf wanneer deze al getrouwd was. De alimentatieregeling die in 1909 per wet werd geregeld vond zij niks. In 1916 trouwde Lokerse met de Zeeuwse boer Willem van Strien. Ze overleed in 1954 en werd in stilte begraven. In de Leidse wijk Stevenshof is een pad te vinden dat naar Lokerse vernoemd is. Clare Helene Wesselius schreef een historische roman over Lokerse getiteld Wat vindt u daarvan Majesteit? Het leven en de strijd van de Zeeuwse dienstbode Neeltje Lokerse. Materiaal:   foto, landkaart, schelp, drukknoopjes, draad Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1852-1925) Arts

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Utrechtse Catharine van Tussenbroek groeide op in een middenstandsgezin. In 1880 ging ze als een van de eerste Nederlandse vrouwen geneeskunde studeren. Na haar promotie in 1887 vestigde ze zich als arts voor vrouwen en meisjes in Amsterdam. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Van Tussenbroek hield zich actief bezig met de positie van de vrouw en pleitte onder andere voor een vakopleiding voor meisjes zodat zij economisch onafhankelijk konden worden. Ook het belang van medisch-hygiënische onderwerpen vond Van Tussenbroek belangrijk. Ze bepleitte bijvoorbeeld wettelijke bescherming van vrouwen en strenge straffen voor criminele aborteurs. Catharine van Tussenbroek was vanaf 1891 secretaris van de Nederlandsche Vereeniging voor Gynaecologie. Daarnaast was ze redacteur van het Nederlandsch Tijdschrift voor Geneeskunde, hoofdbestuurslid van de Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst en vice-president (later president) van het Nationaal Bureau van Vrouwenarbeid. Als lid van de Algemeene Nederlandsche Vrouwen Organisatie probeerde ze in 1919 tevergeefs een Kamerzetel te bemachtigen. De naar Van Tussenbroek vernoemde stichting beheert een fonds dat beurzen uitkeert aan afgestudeerde vrouwelijke onderzoekers. Zo worden Van Tussenbroeks activiteiten voor vrouwen en meisjes én haar academische werk nog altijd gememoreerd. Materiaal:   foto, houten ring, eierschalen Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(Julie Emma Laura) (1869-1939) Kunstverzamelaar

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

De Duitse Helene Müller groeide op in een ondernemersgezin in Dortmund en Düsseldorf. Ze was leergierig en verdiepte zich het liefste in boeken, maar haar ouders vonden dat niet goed voor een meisje. Op aandringen van haar vader accepteerde Müller een huwelijksaanzoek van de Nederlandse Anton Kröller, de broer van de medevennoot van vader Müller. Op achttienjarige leeftijd vertrok Müller met haar man naar Rotterdam. Ze waren niet in gemeenschap van goederen getrouwd waardoor Müller altijd kon beschikken over haar eigen vermogen. In 1889 beviel Helene Müller van een dochter. Drie zoons zouden nog volgden. De zaken van haar man liepen goed en in 1901 betrok het gezin een villa aan de rand van Den Haag. Via haar dochter kwam Helene in contact met kunstcriticus en kunstpedagoog Henk Bremmer. Onder zijn invloed begon ze met het verzamelen van kunst en in 1907 benoemde ze Bremmer tot adviseur. Zo wist hij een grote stempel te drukken op Kröller-Müllers verzameling. Vooral Van Gogh was bij beiden een geliefd kunstenaar. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] In die periode leerde Kröller-Müller ook Sam van Deventer kennen. Hij was een schoolgenoot van haar kinderen maar was zo geliefd dat hij min of meer werd opgenomen in het gezin. Tussen Van Deventer en Kröller-Müller ontstond een hechte vriendschap. Vanwege een ingrijpende operatie was ze anders naar het leven gaan kijken. Ze wilde een museum achterlaten waar de ontwikkeling van de moderne kunst getoond kon worden gemaakt. Tussen 1907 en 1919 kocht Kröller-Müller voor 1,2 miljoen gulden aan kunst, vaak ook van relatief onbekende kunstenaars, zoals bijvoorbeeld Bart van der Leck. In 1913 werd een tentoonstelling gehouden met alle Van Goghs uit de collectie van Kröller-Müller in het kantoor van Müller & Co in Den Haag. De expositie was een succes en een deel van het kantoor bleef in gebruik als expositieruimte voor de collectie van Kröller-Müller. Het was de eerste permanente expositie van moderne kunst in Nederland. Hoewel ze eerst een museum in Wassenaar voor ogen had, werd haar blik gericht op de Veluwe. Daar had het echtpaar een stuk land gekocht dat in eerste instantie kon dienen als jachtgebied voor Anton Kröller. In 1914 besloot Helene dat het museum ook hier moest komen. Maar in de jaren twintig en dertig liepen de zaken van Müller & Co terug. De bouw van het museum moest worden stilgelegd. Ook de collectie werd niet verder uitgebreid. De perikelen deden Kröller-Müller realiseren dat de collectie gevaar liep door de verbinding met het bedrijf. De verzameling werd daarom ondergebracht in de Stichting Kröller-Müller. Uiteindelijk verkocht het echtpaar het landgoed Hoge Veluwe in 1935 aan de Stichting Het Nationale Park de Hoge Veluwe. De collectie werd twee jaar later aan de Staat geschonken met de voorwaarde dat deze in een museum werd ondergebracht. Op 25 juni 1938 opende Rijksmuseum Kröller-Müller officieel de deuren. Anderhalf jaar later overleed Helene Kröller-Müller. Ze werd opgebaard tussen haar geliefde Van Goghs en later begraven op het landgoed Hoge Veluwe. Materiaal:   foto, digitaal bewerkt Fotograaf:  onbekende fotograaf [/expander_maker]

(1847-1916) Eerste vrouwelijke apotheker en feminist

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Charlotte Jacobs werd geboren in een Joods gezin. Na de lagere school ging ze naar de Nuts Naai- en Breischool. Daarna deed ze het huishouden van haar  broer Sam, die een apotheek had geopend in Arnhem. Toen Sam trouwde, keerde Charlotte terug naar het ouderlijk huis en begon ze een studie om leerling-apotheker te worden. Na haar examen begon ze als hulp in de apotheek van haar broer. Haar zus Aletta Henriette Jacobs was vermoedelijk een voorbeeld geweest. Zij had medicijnen gestudeerd in Groningen en had zich los weten te maken van de strenge regels en gewoontes voor meisjes in de negentiende eeuw. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] In 1877 begon Charlotte Jacobs in Groningen aan een studie tot apotheker. Na haar zus Aletta was ze de tweede vrouwelijke student in Nederland. In 1881 slaagde ze voor het theoretisch en praktisch apothekersexamen. Een jaar later werd ze tweede  apotheker in het Algemeen Ziekenhuis in Utrecht. Toch vertrok ze in 1884 naar Batavia. Daar opende ze in 1887 een eigen apotheek in Menteng, een nieuwe wijk van Batavia. Tot 1907 was ze de enige  vrouwelijke apotheker in Nederlands-Indië waarbij zij altijd voor vrouwelijke assistenten zou kiezen. Jacobs speelde ook in de vrouwenbeweging een rol. Met E.J. Heuvelink-Rotgans en Marie C. Kooij-van Zeggelen richtte ze in 1908 een afdeling op van de  Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Een jaar later had de groep 122 leden, waaronder enkele mannen. Een ander onderwerp waar Jacobs zich op richtte was het onderwijs. In 1912 stichtte Jacobs Vereeniging Steun Onderwijs Vrouwelijke Inlandsche Artsen (SOVIA). Met de vereniging zette ze zich in voor de oprichting van de verpleegstersopleiding Boedi Kemoelian in  Batavia. Vanaf 1851 konden door toedoen van de vereniging ook meisjes de colleges bijwonen van de School tot Opleiding van Indische Artsen. Het lukte Jacobs niet om een geschikte vrouwelijke opvolger te vinden voor haar apotheek. Ze zei de  apotheek daarom vaarwel en vertrok naar Den Haag. Ze werd actief in de Nederlandse vrouwenbeweging, in de vrouwenvredesbeweging en als bestuurslid  van de Haagse afdeling van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Ze overleed in 1916 in Den Haag. Uit haar testament werd duidelijk dat een groot deel van haar erfenis bestemd was voor het op te richten Charlotte Jacobs Studiefonds, dat ook nu nog bestaat  en bijdraagt aan de studiekosten van jonge vrouwen die zelf niet in staat zijn die kosten te dragen. Materiaal:   foto, collage Fotograaf:  atelier Jacob Merkelbach [/expander_maker]

(1854 - 1879) Feminist, Voordrachtskunstenaar

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Elize Baart werd geboren in een middenstandsgezin in Middelburg als derde van vier dochters. Vader Baart was cultureel goed ontwikkeld en liet zijn dochters moderne talen leren. Ook liet hij hen kennismaken met literatuur uit binnen- en buitenland. Vader Baart was namelijk van mening dat zijn dochters op eigen benen moesten kunnen staan zodat zij niet gedwongen zouden zijn te trouwen. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] Als negentienjarige had Elize Baart in 1873 net haar eerste novelle voltooid over drie zussen die het huwelijk afwezen en in plaats daarvan voor een loopbaan kozen. Het lukte haar de novelle bij de feministe Mina Kruseman te krijgen. Kruseman zorgde dat het verhaal onder de titel Geëmancipeerden gepubliceerd werd in het maandblad Europa. In datzelfde jaar volgden nog twee novellen. Met Kruseman speelde Baart in 1875 in het stuk Vorstenschool van Multatuli. De kritieken waren goed, maar Multituli was ontevreden. Hij liet de spelers vervangen. Kruseman en Baart vertrokken en gingen op tournee door Nederland met een stuk van Kruseman. Hoewel het ‘grote toneel’ lonkte en er een uitnodiging was van het Nederlandsch Toneel, bleef de toneelcarrière van Baart beperkt. Baart ontmoette in 1876 Bastiaan Korteweg, een vrijdenker met antimilitaristische ideeën. De relatie zorgde voor een breuk tussen Baart en Kruseman. Aan het einde van dat jaar ging Baart opnieuw op tournee, maar de reacties waren niet bijzonder positief. Later publiceerde ze nog een aantal keer, waaronder een opvallend pleidooi voor het gebruik van voorbehoedsmiddelen.  Waarschijnlijk was Baart de eerste vrouw in Nederland die dit openbaar deed. Elize Baart trouwde in 1879 met Bastiaan Korteweg. Ze verhuisden naar Groningen, maar het huwelijk zou niet lang duren. Na acht maanden pleegde het echtpaar  zelfmoord door in elkaars armen cyaankali te nemen.Het tweetal liet het bericht achter het leven moe te zijn en het nirwana binnen te willen gaan. Elize Baart zou  niet ouder worden dan 24 jaar. Materiaal:   foto, digitaal bewerkt Fotograaf:  Albert Greinier [/expander_maker]

(Antonia Louisa Cornelia) (1850-1939) Toneelspeler

Inzoomen? Beweeg cursor over foto of klik vergrootglas en dubbelklik. Terug naar onze winkel of naar complete catalogus. U kunt ook op afspraak onze portretten bezichtigen.

Beschrijving

Theodora (Doortje) Bouwmeester werd geboren als buitenechtelijk kind van Louisa Bouwmeester en Louis Rosenveldt. Haar vader was een bekend acteur terwijl haar moeder een minder succesvol actrice was. Vanwege hun reizende bestaan groeide Bouwmeester op bij haar grootouders. Vanaf 1856, toen Rosenveldt daar een aanstelling kreeg, woonde Bouwmeester met haar broers, zus en ouders in Rotterdam. Ook Bouwmeester had daar haar eerste rol, op 30 maart 1857. Na anderhalf jaar trok het gezin er echter alweer op uit. [expander_maker id="4" more="Lees meer" less="Lees minder"] De familie verhuisde in 1865 naar Amsterdam. Bij het gezelschap van haar broer, Bouwmeester, Bamberg en De Boer, kreeg Theodora haar eerste echte aanstelling. Daarna verhuisde ze naar Rotterdam. Ze trouwde er met de tien jaar oudere Maurits Frenkel en kreeg drie kinderen. Het gezin trok in 1872 naar Amsterdam waar Frenkel een jaar later aan tyfus overleed. Bouwmeester speelde door om zo voor inkomsten voor haar gezin te zorgen. Bij de Salon des Variétés kwam Bouwmeesters grote doorbraak. Ze was geïnspireerd door Sarah Bernhardt en speelde in haar stijl de titelrol FrouFrou. Ook met andere rollen, voor een ander gezelschap, kende ze succes. In deze periode begon ze zichzelf Theo te noemen. In 1885 werd Bouwmeesters droom werkelijkheid: ze werd aangenomen bij de Koninklijke Vereeniging Het Nederlands Tooneel in Amsterdam. Van koning Willem III ontving ze de Grote Gouden Medaille voor Kunsten en Wetenschappen voor haar rol in Deborah. Theodora trouwde in 1889 met Diederik Hendrik Brondgeest maar het huwelijk strandde al in 1895. Daarna trouwde ze met musicus Gottfried Mann. Hij eindigde echter geestesziek in een kliniek in Rosmalen. In 1911 kreeg Theo Bouwmeester bij haar veertigjarig jubileum de naar haar vernoemde Theo Bouwmeester-ring die ze in 1934 overdroeg aan Else Mauhs. In januari 1920 speelde ze haar laatste rol: Badeloch in de Gijsbrecht van Amstel. Het afscheid was pijnlijk: Het Nederlands Tooneel weigerde een pensioen. Ook kreeg ze geen afscheidstournee. Haar zoon regelde dat in 1926, toen ze van de stad Amsterdam een pensioen had gekregen. Van minister M.A.M. Waszink kreeg ze het Officierskruis in de Orde van Oranje-Nassau. In 1939 overleed Bouwmeester. Ze werd gezien als de grootste actrice van haar tijd. Materiaal:   foto, vlechtsel met andere foto van mann-bouwmeester Fotograaf:  Jacob Merkelbach/Breitner [/expander_maker]
Content
Weight
DimensionsN/BN/BN/BN/BN/BN/B
Additional information
Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
  • Attributes
  • Custom attributes
  • Custom fields
Click outside to hide the comparison bar
Compare
Compare ×
Let's Compare! Continue shopping